Leverde u aan een klant die plots failliet ging? En dacht u zich goed ingedekt te hebben met een eigendomsvoorbehoud? Dan is de kans groot dat u zich pas na het faillissement afvroeg: werkt dat voorbehoud eigenlijk wel?
In een eerdere blog bespraken we hoe u juridische regie houdt als een klant in financieel zwaar weer verkeert. Daarin noemden we het eigendomsvoorbehoud als een van de belangrijkste zekerheden. In dit artikel gaan we dieper in op dit instrument. Wat is het precies? Wanneer werkt het wél, en waar gaat het vaak mis?
Wat is een eigendomsvoorbehoud?
Een eigendomsvoorbehoud is de afspraak dat u als leverancier eigenaar blijft van uw producten, totdat de klant volledig heeft betaald. Ook als de spullen al zijn geleverd. Gaat de klant in de tussentijd failliet? Dan mag u uw producten in principe terughalen. Dat maakt het eigendomsvoorbehoud een krachtig middel, mits goed geregeld.
Uw positie bij faillissement
Bij faillissement geldt een simpel uitgangspunt: alleen het vermogen van de failliet valt onder het beheer van de curator. Zijn de geleverde goederen nog niet betaald en is er een eigendomsvoorbehoud afgesproken? Dan vallen de goederen buiten het faillissement. U kunt dan aanspraak maken op ‘separatistisch verhaalsrecht’: een sterke positie ten opzichte van andere schuldeisers.
Maar daar zit ook direct het risico: het voorbehoud moet juridisch standhouden. En daar gaat het in de praktijk regelmatig mis.
Eigendomsvoorbehoud: waar het vaak misgaat
1. Geen schriftelijke afspraak
Een eigendomsvoorbehoud moet schriftelijk worden overeengekomen. Bijvoorbeeld in de overeenkomst of in uw algemene voorwaarden. Gebeurt dat niet, of te laat? Dan is het voorbehoud ongeldig.
2. Algemene voorwaarden niet goed van toepassing verklaard
Veel leveranciers nemen het voorbehoud op in hun algemene voorwaarden. Dat is prima, mits u:
- deze voorwaarden van toepassing verklaart vóór of bij het sluiten van de overeenkomst;
- de voorwaarden daadwerkelijk aan de afnemer ‘ter hand stelt’;
- voorkomt dat de afnemer zijn eigen voorwaarden op de overeenkomst van toepassing verklaart.
Gebeurt dit niet zorgvuldig, dan kan uw klant (vooral als het een kleinere onderneming is) een beroep doen op vernietiging van uw voorwaarden. Het gevolg: uw eigendomsvoorbehoud is dan alsnog ongeldig.
3. Te beperkt geformuleerd voorbehoud
Een veelgemaakte fout is een te krap geformuleerd voorbehoud. Bijvoorbeeld: het eigendom wordt voorbehouden tot betaling van die ene levering. Dat kan. Maar het is krachtiger om te kiezen voor een zogenoemd ‘verlengd eigendomsvoorbehoud’: het eigendom gaat pas over nadat álle openstaande facturen zijn betaald.
De wet stelt wel een voorwaarde: uit de overeenkomst moet blijken dat u vaker levert aan deze klant. Werk daarom met heldere, terugkerende leveringsafspraken, of neem een bepaling op die verwijst naar toekomstige leveringen.
Wat u vooraf moet regelen
Wilt u zeker weten dat uw eigendomsvoorbehoud werkt op het moment dat het erop aankomt? Controleer dan:
- Staat het voorbehoud op de juiste manier in uw voorwaarden of contracten?
- Heeft u de voorwaarden goed van toepassing verklaard?
- Is het voorbehoud ruim genoeg geformuleerd (ook voor toekomstige leveringen)?
- Kunt u aantonen dat de goederen die u terugvordert daadwerkelijk onder het voorbehoud vallen?
Tip: maak een checklist van deze punten, of laat uw huidige voorwaarden toetsen. Veel leveranciers komen hier pas bij een faillissement van hun afnemer achter, en dan is het te laat.
Tot slot
Het eigendomsvoorbehoud is een waardevol instrument om uw positie veilig te stellen bij betalingsproblemen of faillissement van uw klant. Maar alleen als het juridisch klopt. Heeft u twijfels over uw huidige voorwaarden? Of levert u regelmatig aan klanten over de grens? Neem dan contact op met Adelmeijer Hoyng Advocaten via info@ahadvocaten.eu of 043 – 350 62 00. Wij helpen u graag verder.
In een volgende blog gaan we in op een ander zekerheidsrecht: het recht van reclame.