• Mag ik je aanhangwagen even lenen?

Mag ik je aanhangwagen even lenen?

Wie is aansprakelijk voor schade aan geleende spullen?

Het is aan de orde van de dag dat we “even” iets van elkaar lenen. Een boek, een tijdschrift, gereedschap, een auto, noem het maar op. Daarbij is het steevast de bedoeling om na gebruik het geleende voorwerp weer keurig netjes terug te bezorgen bij de eigenaar. Maar stel nu dat het geleende voorwerp wordt gestolen voordat het is terugbezorgd. Kan dan een beroep op de aansprakelijkheidsverzekeraar van de inlener worden gedaan, zodat de uitlener via die weg schadeloos wordt gesteld?

Deze vraag was onlangs inzet van een procedure bij de Hoge Raad. Volgens de feiten had een neef van zijn oom een aanhangwagen geleend om spullen te vervoeren in verband met een verhuizing. Na de spullen gelost te hebben bij de nieuwe woning, werd de auto met aanhangwagen kort gestald op een nabijgelegen, goed in het zicht van het publiek liggende, openbare parkeerplaats, waarbij de aanhangwagen tevens van een slot werd voorzien. Desondanks bleek de aanhangwagen even later verdwenen. De neef stelde zijn oom schadeloos en claimde het aan zijn oom betaalde bedrag terug van zijn WA-verzekeraar.

De WA-verzekeraar stelde zich evenwel op het standpunt dat de oom tegenover zijn neef geen aanspraak had op de betaalde schadeloosstelling zodat de neef (de verzekerde) ook geen recht had op een verzekeringsuitkering. Een standpunt waarin de WA-verzekeraar – in navolging van het gerechtshof – ook door de Hoge Raad is gevolgd.

In zijn uitspraak zet de Hoge Raad duidelijk uiteen hoe de wettelijke regels van bruikleen gelezen moeten worden: de bruiklener dient de zaak bij het einde van de bruikleen in beginsel terug te geven in de staat waarin hij deze ontvangen heeft. Is hij daartoe niet in staat, maar heeft hij wel de zorg van een goed huisvader in acht genomen, dan is sprake van een niet-toerekenbare tekortkoming en is hij dus niet aansprakelijk voor slijtage, beschadiging of – zoals in dit geval - verlies van de zaak.

Nu de neef bij het kort stallen van de aanhangwagen de zorg van een goed huisvader in acht had genomen (aanhangwagen voorzien van een slot; het gebruik van een goed in het zicht liggende parkeerplaats; het niet langer parkeren dan nodig), heeft de oom geen aanspraak op een schadeloosstelling. Als gevolg daarvan heeft de neef ook geen aanspraak op een uitkering van zijn WA-verzekeraar.

Hoe goed bedoeld ook: wees altijd alert bij het uitlenen van zaken met een substantiële waarde. Zeker ook indien het een kostbaar bedrijfsmiddel betreft. En denk niet te snel dat de WA-verzekering in voorkomend geval wel dekking biedt.