• Vlaktaks niet-gecontracteerde zorgaanbieders toegestaan

Vlaktaks niet-gecontracteerde zorgaanbieders toegestaan

Zorgverzekeraars mogen niet-gecontracteerde zorgaanbieders een vast percentage vergoeden.

Eerder berichtten wij u over een uitspraak van de Rechtbank Gelderland in een proefprocedure tussen de Stichting Handhaving Vrije Artsenkeuze en verzekeraars VGZ en Menzis. De discussie in die zaak spitste zich toe op de vraag of een zorgverzekeraar, bij een zorgaanbieder met wie zij geen contract heeft gesloten, een vast kortingspercentage (ook wel de ''vlaktaks'' genoemd) mag hanteren op het reguliere tarief. De rechtbank oordeelde dat dit niet toegestaan is omdat de kosten, die zorgverzekeraars bij niet-gecontracteerde zorg moeten maken, niet voor elk type zorg gelijk zijn. Per soort zorg moesten zorgverzekeraars van de rechtbank bekijken hoeveel korting zij zouden moeten toepassen.

Het vonnis van de Rechtbank Gelderland was een steun in de rug van zorgaanbieders. Helaas voor zorgaanbieders werd het vonnis onlangs ingehaald door een uitspraak van de Hoge Raad in een andere zaak, die werd gevoerd tussen GGZ-instelling Conductore en zorgverzekeraars Zilveren Kruis en Interpolis. 

Ook in die zaak kwam de vlaktaks aan de orde. Conductore had geen contract met de zorgverzekeraars waardoor deze een vaste korting van 25% toepasten op het bedrag dat zij aan de patiënten van Conductore vergoedden. Volgens Conductore is dat in strijd met het hinderpaalcriterium uit de Zorgverzekeringswet, dat bepaalt dat de korting niet zo hoog mag zijn dat dit een hinderpaal vormt voor patiënten om voor de niet-gecontracteerde zorgaanbieder te kiezen.  

De Hoge Raad gaat niet in het standpunt van Conductore mee. Daarbij kijkt de Hoge Raad met name naar de wijze waarop de Zorgverzekeringswet tot stand is gekomen. De wetgever heeft daarbij namelijk een systeem met zowel gecontracteerde als niet-gecontracteerde zorg voor ogen gehad. Daar past volgens de Hoge Raad niet in dat verzekeraars bij niet-gecontracteerde zorg slechts de extra administratiekosten in aftrek mogen brengen. Dan zou er feitelijk weinig verschil meer bestaan tussen gecontracteerde en niet-gecontracteerde zorg. 

Ook oordeelt de Hoge Raad dat het hinderpaalcriterium in algemene zin niet in de weg staat aan een generieke korting (de vlaktaks). Alleen in specifieke gevallen kan, aan de hand van de concrete feiten en omstandigheden, worden beoordeeld of het hinderpaalcriterium aan een vlaktaks in de weg staat. 

Een zorgaanbieder zal dus aan de hand van concrete feiten en omstandigheden moeten kunnen aantonen dat een vlaktaks in zijn geval een ontoelaatbare drempel vormt voor patiënten om te kiezen voor de niet-gecontracteerde zorgaanbieder. Dat is geen gemakkelijke opgave en de uitspraak van de Hoge Raad is dan ook een flinke domper  voor niet-gecontracteerde zorgaanbieders en zij die strijden voor vrije artsenkeuze.